.

.

vlieg ik in de leegte
niet blind maar in het duister
rechts om draai ik naar benee
linksom draagt de stof mij
boven stromend water

bezweef bezwerf ik de glinstering
zonder nering luister ik de zindering
zonder huizing ben ik okee
zolang mijn vleugels klappen
en stilstaan als ik omlaag kijk 

zoef naar de aarde over
de hoogste bergen en de diepste krochten
zoek ik een plek om kalm te rusten

zonder woede jaloezie
liefde lach
verdriet rood geel blauw groen paars

sta ik met

een mond vol tanden